Joos Lambrecht:letters

Dat oude sal wijcken, als beter can blycken

Romein augustijn (13 punt)

Origineel toegeschreven aan Joos Lambrecht

Eerste gebruik: Nicolas Le Borgne, 1543

Dit lettertype wordt vanaf 1543 regelmatig aangetroffen in Joos Lambrechts drukwerk. Het werd in 1567 gebruikt door Michiel van Hamont (Brussel). In de inventaris, opgemaakt kort na 1581 door Thomas de Vechter, van het materiaal dat in de gieterij van Van den Keere overgebleven was na de verkoop van de grootste voorraad aan Plantin, is er een punt dat vermoedelijk verwijst naar matrijzen van deze letter. Tussen oud materiaal, waarvan een deel afkomstig van Joos Lambrecht, lijstte hij de matrijzen voor Een hauden augustyne Romaine. (H.D.L. Vervliet, ibid.)

Romein kapitalen bourgeois (9 punt)

Origineel toegeschreven aan Joos Lambrecht

Eerste gebruik: Leges morales, 1545

Naast de twee alfabetten van rechte kapitalen, een van 1,8mm en een van 2mm hoog, die Joos Lambrecht gebruikte met zijn italiek bourgeois, verschenen in 1545 deze elegante kleine kapitalen. Lambrecht lijkt er nooit een onderkast bij gemaakt te hebben. (H.D.L. Vervliet, ibid.)

Romein onderkast moyen canon (32 punt)

Origineel toegeschreven aan Joos Lambrecht

Eerste gebruik: Disticha Catonis, 1546

De onderkast werd waarschijnlijk voor het eerst gebruikt in 1546 door Joos Lambrecht. Het is goed mogelijk dat hij de stempels gemaakt heeft voor deze letters, die zich onderscheiden door hun smalte en hun robuustheid. (H.D.L. Vervliet, ibid.) (Deze 8,2mm kapitalen, vanaf 1517 zeer verspreid in West Europa en in de Nederlanden, worden aan Peter Schoeffer de jongere toegeschreven. Bij Lambrecht zijn ze vanaf 1536 terug te vinden.) De onderkast, waarschijnlijk door Lambrecht zelf gesneden, verschijnt voor het eerst in 1545. (J. Machiels, ibid.)

Bastaard mediaan (11 punt)

Eerste gebruik: Ordonnance du 11 juillet, 1548

Deze bastaard komt pas in 1551 voor in de Ordonnance du 11 juillet 1548 des especes dor et dargent. (J.?Machiels, ibid.)

Schwabacher augustijn (13 punt)

Eerste gebruik: Nederlandsche Spellijnghe, 1550

Schwabacher en fractura (of bastaard nvdr). Deze twee stijlen, de Schwabacher en later de Fraktur, zo geliefd in Duitsland, speelden nauwelijks een rol van belang in de typografie van de Nederlanden. Beide zijn semi-cursieve gotische letters met een karakteristieke a met n verdieping en een g met open staart. De Schwabacher vindt zijn oorsprong in Duitsland rond 1483, en Fraktur rond 1510-1520. Deze laatste werd geperfectioneerd op kosten van Keizer Maximiliaan van Oostenrijk en werd de nationale letter van Duitsland. Pas sinds vorige eeuw, rond 1945, is deze letter in onbruik geraakt. In de Nederlanden werden deze twee lettervarieteiten maar sporadisch gebruikt behalve misschien in oostelijke en noordelijke gebiedsdelen. Wat het hart van ons land betreft zijn ze enkel gevonden in een paar vroegzestiende-eeuwse boeken daarna werden ze door enkele welgestelde drukkers, onder wie Plantin en Silvius, gebruikt om in kruidenboeken en woordenboeken de Duitse woorden te zetten. Het mag verondersteld worden, zoals bij Rotunda, dat deze lettertypes niet ontworpen of gesneden werden in de Nederlanden. Zij werden hoogst waarschijnlijk aangekocht in Duitsland. (H.D.L. Vervliet, ibid.) Deze mooie Schwabacher is voor het eerst terug te vinden in het Naembouck Van 1546. De Nederlandsche Spellijnghe van 1550 geeft hiervan een goed model. (J.Machiels, ibid.)